You are here:
04 oktober 2021 / nieuws

Behandeling wetsvoorstel ‘Wet excessief lenen bij eigen vennootschap’ mogelijk uitgesteld

Op 17 juni 2020 is het wetsvoorstel ‘Wet excessief lenen bij eigen vennootschap’ (wetsvoorstel) aan de Tweede Kamer aangeboden. Volgens de parlementaire agenda zou het wetsvoorstel binnenkort in de Tweede Kamer worden behandeld.

Op vrijdag 1 oktober 2021 heeft de staatssecretaris van Financiën de Tweede Kamer echter verzocht om de behandeling van het wetsvoorstel aan te houden.

Behandeling wetsvoorstel ‘Wet excessief lenen bij eigen vennootschap’ mogelijk uitgesteld 2

Het is de verwachting dat de Tweede Kamer aan dit verzoek tegemoet zal komen. Het uitstel zou gevolgen kunnen hebben voor de beoogde inwerkingtredingsdatum van 1 januari 2023 of tot een andere inhoud van het wetsvoorstel kunnen leiden.

Download hier de pdf-versie.

Doel wetsvoorstel

Het kabinet beoogt met het wetsvoorstel leningen van een vennootschap aan zijn directeur-grootaandeelhouder en andere aanmerkelijkbelanghouders (ab-houder) te ontmoedigen. Op basis van de maatregel in het wetsvoorstel moet vanaf 1 januari 2023 een fictieve winstuitdeling in aanmerking worden genomen voor zover de schulden van de ab-houder en zijn partner aan de eigen vennootschap gezamenlijk meer bedragen dan € 500.000. Deze fictieve winstuitdeling is belast in box 2 van de inkomstenbelasting. Ab-houders hebben tot 31 december 2023 de tijd om te anticiperen op het wetsvoorstel. Zie voor meer informatie over dit wetsvoorstel ons nieuwsbericht van 18 juni 2020.

Bredere discussie fiscale behandeling vermogen

Bij zijn verzoek tot aanhouden van het wetsvoorstel laat de staatssecretaris nu weten dat het wetsvoorstel moet worden gezien binnen de context van een bredere discussie over de fiscale behandeling van vermogen die in de formatie kan worden gevoerd. Bij die discussie moet de onderlinge samenhang tussen de verschillende boxen van de Wet inkomstenbelasting 2001 in onderlinge samenhang worden bezien.

Gevolgen aanhouden wetsvoorstel

Afgezien van een vertraging van het parlementaire proces, is er momenteel nog geen sprake van een inhoudelijke wijziging van het wetsvoorstel. Wel kan vertraging een impact hebben op de beoogde inwerkingtredingsdatum van het wetsvoorstel. Verder is het interessant dat expliciet wordt verwezen naar de onderlinge samenhang tussen box 1, box 2 en box 3 van de inkomstenbelasting. Daarmee lijkt ruimte te worden ingebouwd om het wetsvoorstel te wijzigen of aanvullende maatregelen aan te kondigen, als de formatie daartoe aanleiding geeft. De verdere voortgang van de parlementaire behandeling van het wetsvoorstel volgen wij met belangstelling en uiteraard zullen wij u informeren over eventuele relevante ontwikkelingen.

Contact

Heeft u vragen over deze nieuwsbrief? Of heeft u interesse in een vrijblijvend kennismakingsgesprek? Neem dan contact op met uw Loyens & Loeff-adviseur of met een van onze adviseurs van het team Family Owned Business & Private Wealth. Wij zijn u graag van dienst bij het in kaart brengen van de gevolgen van het wetsvoorstel in uw situatie.

Disclaimer

Hoewel deze publicatie met grote zorgvuldigheid is samengesteld, aanvaarden Loyens & Loeff N.V. en alle andere entiteiten, samenwerkingsverbanden, personen en praktijken die handelen onder de naam ‘Loyens & Loeff’, geen enkele aansprakelijkheid voor de gevolgen van het gebruik van de informatie uit deze uitgave zonder hun medewerking. De aangeboden informatie is bedoeld ter algemene informatie en kan niet worden beschouwd als advies.

 



Blik op 2022 voor het Nederlandse familiebedrijf

Graag kijken wij met u vooruit naar wat 2022 het Nederlandse familiebedrijf gaat brengen op fiscaal en civiel-juridisch vlak. lees meer
UBO-desk

Wetsvoorstel implementatie Nederlandse Trustregister aangenomen

Op 23 november 2021 is het wetsvoorstel voor de invoering van een ‘UBO-register’ voor trusts (het Trustregister) aangenomen door de Eerste Kamer. lees meer

Aanpassing Arbovrijstelling in de Werkkostenregeling

Aanpassing Arbovrijstelling in de (Werkkostenregeling) WKR met verwijzing naar artikel 44 van de Arbeidsomstandighedenwet. lees meer