You are here:
26 juli 2021 / nieuws

Is toepassing van gerichte vrijstellingen werkkostenregeling (zoals de 30%-regeling) zonder aanwijzing als eindheffingsbestanddeel mogelijk?

Om gerichte vrijstellingen toe te passen onder de Werkkostenregeling (WKR), is vereist dat de werkgever de betreffende vergoedingen en verstrekkingen aanwijst als eindheffingsloon. Een recente aanpassing van het Handboek Loonheffingen roept de vraag op of aanwijzing nog steeds nodig is om een beroep op een gerichte vrijstelling te doen.

Dit lijkt echter in contrast te staan met de veel formelere benadering van de rechter en de staatssecretaris, zoals recentelijk is gebleken uit uitspraken van Hof Den Bosch en Hof Den Haag, alsmede uit een verslag van de Commissie voor de Verzoekschriften en de Burgerinitiatieven (de Commissie). Dit lichten we hierna toe.

Is toepassing van gerichte vrijstellingen werkkostenregeling (zoals de 30%-regeling) zonder aanwijzing als eindheffingsbestanddeel mogelijk?

Handboek Loonheffingen

Het Handboek Loonheffingen van de Belastingdienst beschrijft de stappen voor toepassing van gerichte vrijstellingen en de vrije ruimte onder de WKR. Aanwijzing van de betreffende loonbestanddelen als eindheffingsloon is daarbij een van de vereisten voor toepassing van een vrijstelling. De werkgever heeft over het algemeen de keuze om een loonbestanddeel al dan niet aan te wijzen als eindheffingsloon. De aanwijzing dient te blijken uit de administratie.

Echter, in de versie van het Handboek Loonheffingen van juli 2021 is toegevoegd dat als de werkgever voldoet aan de voorwaarden en de grensbedragen van de gerichte vrijstellingen, de Belastingdienst ervan uitgaat dat de werkgever die vergoedingen, verstrekkingen en terbeschikkingstellingen heeft aangewezen als eindheffingsloon. Met deze toevoeging lijkt de noodzaak tot aanwijzing feitelijk te zijn vervallen met betrekking tot de toepassing van gerichte vrijstellingen.

Hof Den Bosch

Hof Den Bosch heeft in een uitspraak van 10 juni 2021 geoordeeld dat de vrijstelling voor extraterritoriale kosten (de zogenaamde 30% regeling) niet kan worden toegepast door het ontbreken van de aanwijzing van de vergoeding als eindheffingsbestanddeel.

Uit de vaststellingsovereenkomst tussen werkgever en werknemer viel af te leiden dat de inhouding van loonbelasting op een bewuste keuze van de werkgever berustte, nu in de vaststellingsovereenkomst was opgenomen dat de werkgever van mening was dat de 30%-regeling in de periode van inactiviteit niet langer kon worden toegepast. Het hof acht op grond van deze omstandigheden niet aannemelijk dat de werkgever de vergoeding voor extraterritoriale kosten vanaf dat moment nog als eindheffingsbestanddeel had aangewezen. Nu de werkgever geen loon heeft aangewezen als eindheffingsbestanddeel, oordeelt het Hof dat de vrijstelling niet van toepassing is. Hier doet niet aan af dat de inspecteur op gezamenlijk verzoek van werknemer en werkgever bij beschikking heeft beslist dat belanghebbende in aanmerking kwam voor toepassing van de 30%-regeling. De beschikking verplicht de werkgever namelijk niet om het betreffende deel van het loon aan te wijzen.

Hof Den Haag

Ook Hof Den Haag heeft in een uitspraak van 30 juni 2021 geoordeeld dat de 30% regeling niet kan worden toegepast door het ontbreken van de aanwijzing van de vergoeding als eindheffingsbestanddeel.

Het Hof oordeelt dat de werknemer niet aannemelijk had gemaakt dat de werkgever loon had aangewezen als eindheffingsbestanddeel. Het was volgens het Hof niet voldoende dat in de arbeidsovereenkomst met de werkgever schriftelijk afspraken waren gemaakt over de toepassing van de 30%-regeling, en de werkgever ook beschikte over een beschikking 30%-regeling. De aanwijzing van een gerichte vrijstelling als eindheffingsbestanddeel was volgens het Hof alleen dan voltooid als daarmee rekening werd gehouden bij de uitbetaling van het loon en deze als zodanig op individueel niveau was verwerkt in de loonadministratie. Daarmee kwamen pas de aard en omvang van de gerichte vrijstelling, de omvang van het loon en de daarover verschuldigde belasting vast te staan.

Commissie voor de Verzoekschriften en de Burgerinitiatieven

De Commissie heeft onlangs geoordeeld over een klacht inzake de afwijzing van de inspecteur van de Belastingdienst op het verzoek om ambtshalve vermindering in verband met de verstrekking van maaltijden aan werknemers.

Verzoekers hebben de maaltijden tot het individuele loon gerekend in de loonadministratie en dus niet als eindheffingsloon behandeld. Onder deze omstandigheden is het volgens de staatssecretaris niet aannemelijk dat de verzoekers de maaltijden hebben aangewezen als eindheffingsbestanddeel. De staatssecretaris wijst er tevens op dat de Belastingdienst, mede naar aanleiding van de Evaluatie werking werkkostenregeling, een coulante houding hanteert ten aanzien van de aanwijsverplichting als sprake is van een gerichte vrijstelling. Niettemin wordt voor de jaren 2014 tot en met 2017 een formele lijn gevolgd. De Commissie volgt de staatssecretaris in zijn oordeel.

Ons commentaar

De uitspraken van de Gerechtshoven Den Bosch en Den Haag, als mede de conclusie van de Commissie, zijn in lijn met eerdere rechtspraak en maken het volgende duidelijk.

  • De aanwijzing als eindheffingsloon blijft essentieel om een vrijstelling van loonbelasting te kunnen toepassen en dient vooraf en per vergoeding of verstrekking expliciet te worden vastgelegd in de loonadministratie. Dit geldt bijvoorbeeld voor reiskostenvergoedingen, hotelkosten en maaltijden tijdens dienstreizen, studiekosten, outplacement, verhuiskosten, gereedschappen en communicatie apparatuur zoals mobiele telefoon.
  • Met betrekking tot de toepassing van de 30%-regeling kan de afgifte van de beschikking voor de toepassing van de 30%-regeling door de Belastingdienst niet gezien worden als aanwijzing als eindheffingsloon.

In het Handboek Loonheffingen 2021 keurt de Belastingdienst goed dat, als de inhoudingsplichtige voldoet aan de voorwaarden en grensbedragen (indien van toepassing) van gerichte vrijstellingen, de Belastingdienst bij fictie aanneemt dat sprake is van aangewezen eindheffingsloon. Dit kan een welkom hulpmiddel zijn in discussies met de Belastingdienst over de toepassing van gerichte vrijstellingen.

Echter, met het oog op de formele benadering van de Hoven en de positie van de staatssecretaris (zoals gevolgd door de Commissie), blijft ons advies in voorkomende gevallen de aanwijzing als eindheffingsloon zorgvuldig in de loonadministratie vast te leggen om onduidelijkheid over de keuze van de werkgever over het al dan niet aanwijzen te voorkomen.

Wij helpen u graag met het vastleggen van de aanwijzing van de 30%-regeling en andere gerichte vrijstellingen. Voor de 30%-regeling is het gebruikelijk dit te doen in een addendum bij de arbeidsovereenkomst.  Indien gebruik maakt van ons format voor een addendum bij de arbeidsovereenkomst is die aanwijzing goed geregeld. Wij kunnen u in alle andere gevallen helpen met de beoordeling van een tekst van het addendum bij de arbeidsovereenkomst.



wkr-loonheffing

Weet u nog wat 'loon' is?

Binnenkort kunnen we het Belastingplan 2022 tegemoetzien, met ook dit jaar enkele wijzigingen in de loonbelasting. lees meer
2021 Prinsjesdag Studio Nextens Jan Bart

De onbelaste thuiswerkvergoeding: een goed begin

In het Belastingplan 2022 wordt een gerichte vrijstelling in de loonbelasting voor het vergoeden van thuiswerkkosten geïntroduceerd. lees meer
2021 Prinsjesdag Voorbeschouwende artikel FOB NL

Mogelijke versobering of afschaffing BOR

Aankondigingen rondom bedrijfsopvolgingsregelingen, afgekort ‘BOR’ zijn met Prinsjesdag niet uit te sluiten. lees meer