You are here:
11 januari 2021 / nieuws

Blik op 2021 voor het Nederlandse familiebedrijf

Het nieuwe jaar heeft zijn intrede gedaan. Graag kijken wij met u vooruit naar wat 2021 het Nederlandse familiebedrijf gaat brengen op fiscaal en civiel-juridisch vlak. Het is nuttig om de gevolgen daarvan voor uw familiebedrijf tijdig te inventariseren. Ook dit jaar zijn wij u daarbij graag van dienst.

Blik op 2021 voor het Nederlandse familiebedrijf

Download hier het pdf-bestand.

Korte terugblik

2020 was een bewogen jaar. Sinds het voorjaar van 2020 staat de wereld in het teken van
COVID-19, dat niet alleen een grote impact heeft op welzijn en volksgezondheid, maar ook op banen en economie. Dit riep bij familiebedrijven veel vragen op. Denk aan arbeidsrechtelijke vragen over thuiswerken en hoe om te gaan met ziekmeldingen. Ook meer fiscaal getinte vragen kwamen op, zoals die naar uitstel van betaling, de loonkostensubsidie van de NOW-regeling, de baangerelateerde investeringskorting (BIK), de vroegtijdige verliesverrekening via de fiscale coronareserve en de (tijdelijk) verlaagde invorderings- en belastingrente. Deze onderwerpen zullen ook in 2021 relevant blijven.

Vooruitkijkend

Wat gaat 2021 het Nederlandse familiebedrijf nog meer brengen? Graag kijken wij met u vooruit. Hierna besteden wij kort aandacht aan enkele fiscale en civiel-juridische ontwikkelingen die gevolgen kunnen hebben voor het Nederlandse familiebedrijf. Het is daarom zinvol om juist nú uw fiscale en civiel-juridische situatie goed in kaart te brengen.

Tweede Kamerverkiezingen en mogelijke versobering bedrijfsopvolgingsregelingen

De Tweede Kamerverkiezingen van 17 maart 2021 zullen bepalend zijn voor de fiscale en civiel-juridische koers voor het Nederlandse familiebedrijf in de komende jaren. Naast zaken als tariefstelling, belastingheffing over vermogen én de wijze waarop belasting moet worden geheven van internationaal opererende bedrijven, zal er dit jaar naar verwachting extra aandacht zijn voor de belastingheffing bij bedrijfsoverdracht.

Bedrijfsoverdrachten worden in de toekomst mogelijk zwaarder belast. Dit valt onder meer af te leiden uit het in 2020 gepubliceerde ‘Bouwstenenrapport’ van het Ministerie van Financiën, waarin als ‘menukaart’ diverse beleidsopties voor wijziging van het huidige belastingstelsel zijn beschreven. Ook de fiscale aspecten van bedrijfsoverdracht komen in dit rapport vrij uitgebreid aan bod.

Hoewel het onzeker is in hoeverre de beschreven opties na de Tweede Kamerverkiezingen van 2021 ook echt tot wijzigingen zullen leiden, is het beeld wel dat zwaardere belastingheffing bij bedrijfsoverdrachten niet onwaarschijnlijk is. Denk hierbij aan opties als:

  • Versobering of afschaffing van de bedrijfsopvolgingsregeling in de inkomstenbelasting en de schenk- en erfbelasting;
  • Verhoging van het schenk- en erfbelastingtarief;
  • Verhoging van het aanmerkelijk belang tarief (box 2) voor de heffing van inkomstenbelasting van 26,9% (2021) naar 30% tot 35%.

De uitkomst van de Tweede Kamerverkiezingen zal bepalen welke richting politiek gekozen wordt. Als u overweegt om uw familiebedrijf in de (nabije) toekomst over te dragen is nu hét moment om daar (versneld) naar te kijken. Indien de waarde van uw onderneming negatief wordt beïnvloed door de gevolgen van COVID-19, kan die bedrijfsoverdracht bovendien misschien tegen een relatief lage waarde plaatsvinden.

Invoering ‘Wet excessief lenen bij eigen vennootschap’ per 2023

Er zijn concrete plannen om lenen bij de eigen vennootschap fiscaal te ontmoedigen. In 2020 is het wetsvoorstel ‘Wet excessief lenen bij eigen vennootschap’ aangeboden aan de Tweede Kamer. Het parlementaire proces zal naar verwachting in 2021 worden afgerond. De inwerkingtreding van de wet is vervolgens voorzien op 1 januari 2023. Op basis van het wetsvoorstel moet onder meer vanaf 1 januari 2023 een fictieve winstuitdeling in aanmerking worden genomen voor zover de schulden van de aanmerkelijkbelanghouder (ab-houder) en zijn partner aan de eigen vennootschap gezamenlijk meer bedragen dan € 500.000. Deze fictieve winstuitdeling is belast in box 2 van de inkomstenbelasting.

De peildatum voor deze schulden is 31 december, waardoor voor het eerst op 31 december 2023 fictief inkomen in de heffing zal worden betrokken. Ab-houders hebben dus tot 31 december 2023 de tijd om te anticiperen op het wetsvoorstel. Zo kan worden gedacht aan fiscaal belaste afbouw van schulden door dividenduitkering of kwijtschelding. Fiscaal onbelaste varianten waaraan kan worden gedacht zijn (partiële) herfinanciering van bestaande schulden en overdracht van gefinancierde box 3 vermogensbestanddelen aan de vennootschap. Wij verwijzen ook naar ons nieuwsbericht van 18 juni 2020.

Nederlandse UBO-register

Het Nederlandse UBO-register is op 27 september 2020 in werking getreden. Het UBO-register zal daardoor in 2021 een regulier onderdeel worden van de corporate governance van het Nederlandse familiebedrijf. Vennootschappen en andere juridische entiteiten die naar Nederlands recht zijn opgericht en die moeten worden ingeschreven in het Nederlandse handelsregister zijn verplicht om bepaalde persoonlijke informatie over hun uiteindelijke belanghebbenden (UBO’s) in te winnen, bij te houden en te registreren in het Nederlandse UBO-register. De verplichting om deze informatie te melden aan het UBO-register wordt opgelegd aan de bestuurders van de betreffende entiteit.

Het gaat onder meer om de UBO’s van een Nederlandse BV, NV, stichting of personenvennootschap. Buitenlandse rechtspersonen met een hoofd- of nevenvestiging in Nederland zijn vooralsnog niet verplicht hun UBO’s in het Nederlandse UBO-register te registeren. Natuurlijke personen die direct of indirect een toereikend percentage van de aandelen, van de stemrechten of het eigendomsbelang houden, kwalificeren als UBO van een BV of NV. Een belang van meer dan 25% geldt als indicatie van een toereikend percentage. UBO’s zijn ook de natuurlijke personen die via andere middelen uiteindelijk eigenaar zijn van of zeggenschap hebben over de vennootschap. In het geval geen UBO’s kunnen worden geïdentificeerd, moeten alle statutaire bestuurders worden geregistreerd als UBO. Voor stichtingen en personenvennootschappen geldt een afzonderlijke UBO-definitie.

Nederlandse registratieplichtige entiteiten die op 27 september 2020 waren ingeschreven in het handelsregister, krijgen 18 maanden de tijd om de gegevens omtrent hun UBO’s bij het UBO-register aan te leveren. Voor entiteiten die zijn opgericht vanaf 27 september 2020 geldt dat zij hun UBO-gegevens gelijktijdig met de inschrijving in het handelsregister moeten aanleveren. Wijzigingen in UBO-gegevens van entiteiten waarvan de UBO-registratie heeft plaatsgevonden dienen steeds binnen één week te worden doorgegeven.

Registratieplichtigen dienen van elke UBO informatie aan te leveren. Een deel van deze informatie is via het handelsregister publiek toegankelijk. Een ander deel van de aan te leveren informatie is uitsluitend toegankelijk voor bevoegde autoriteiten en de Financiële Inlichtingen Eenheid.

Overigens zal in de toekomst ook een Nederlands Trustregister worden ingevoerd, waarin informatie over de UBO’s van fondsen voor gemene rekening, trusts en andere soortgelijke juridische constructies zal worden bijgehouden. Zie in dit kader ook ons nieuwsbericht van 20 april 2020.

Heeft u behoefte aan meer informatie over het Nederlandse UBO-register? Wilt bijvoorbeeld weten welke UBO-informatie publiek toegankelijk is en in welke gevallen dit kan worden afgeschermd? Download dan de Loyens & Loeff editie Genoteerd met het thema ‘Het Nederlandse UBO-register voor vennootschappen en andere juridische entiteiten’, augustus 2020, nummer 15.

Family governance binnen uw familiebedrijf

Veel families maken bij de structurering van hun familiebedrijf gebruik van een of meer stichtingen. Dit kan bijdragen aan de continuïteit en het succes van het familiebedrijf op de lange termijn en helpt mee om het familievermogen voor volgende generaties te behouden. Daarnaast zijn er vaak ook banden tussen familie(bedrijf) en één of meerdere ‘eigen’ charitatieve stichtingen.

Op 1 juli 2021 treedt het wetsvoorstel ‘Wet bestuur en toezicht rechtspersonen’ in werking. Dit wetsvoorstel omvat wijzigingen in de regels voor bestuur en toezicht, onder meer bij stichtingen. Te denken valt aan de regelingen omtrent stemrecht, tegenstrijdig belang en toezichthoudende organen.

De nieuwe wet kan tot gevolg hebben dat bepaalde statutaire regels binnen de stichting niet meer in overeenstemming zijn met de wet. Sommige van de nieuwe wettelijke regels gelden meteen, andere worden van toepassing na een overgangstermijn voor bestaande gevallen. Het wetsvoorstel is dan ook aanleiding om de statuten van de stichting(en) binnen het familiebedrijf tegen het licht te houden, zodat deze (weer) in overeenstemming zijn met de gewijzigde wet. Zie in dit kader ook ons nieuwsbericht van 17 december 2020.

Meer informatie over (verwachte) wetswijzigingen?

Wilt u weten welke wetswijzigingen er nog meer worden verwacht die gevolgen hebben voor het Nederlandse familiebedrijf? Of heeft u behoefte aan informatie over de diverse Nederlandse wetswijzigingen die per 2021 zijn doorgevoerd? Neem dan contact met ons op en download onze uitgave ‘Tips voor het Nederlandse familiebedrijf en de vermogende particulier (2020-2021)’. In deze uitgave zijn ook enkele wijzigingen in onze andere thuismarkten (België, Luxemburg en Zwitserland) opgenomen.

Contact

Heeft u na het lezen van deze nieuwsbrief behoefte aan een nadere toelichting op een of meer onderwerpen? Of heeft u interesse in een vrijblijvend kennismakingsgesprek? Neem dan contact op met uw Loyens & Loeff-adviseur of met een van onze adviseurs van het team Family Owned Business & Private Wealth.

Disclaimer

Hoewel deze publicatie met grote zorgvuldigheid is samengesteld, aanvaarden Loyens & Loeff N.V. en alle andere entiteiten, samenwerkingsverbanden, personen en praktijken die handelen onder de naam ‘Loyens & Loeff’, geen enkele aansprakelijkheid voor de gevolgen van het gebruik van de informatie uit deze uitgave zonder hun medewerking. De aangeboden informatie is bedoeld ter algemene informatie en kan niet worden beschouwd als advies.



Grote ondernemingen kunnen Tegemoetkoming Vaste Lasten aanvragen

Grote ondernemingen kunnen Tegemoetkoming Vaste Lasten aanvragen

Op vrijdag 7 mei 2021 is de regeling tot openstelling van de Tegemoetkoming Vaste Lasten voor grote ondernemingen gepubliceerd in de Staatscourant. lees meer
Beleid over btw-positie commissarissen en andere toezichthouders verduidelijkt

Beleid over btw-positie verduidelijkt

Bent u lid van een raad van commissarissen, raad van toezicht of commissie? Dan bent u in de meeste gevallen geen btw-ondernemer. lees meer
FOBPW Nieuwsbrief 7 mei 2021

Hoge Raad: beperkte gemeenschap is geen schenking

De Hoge Raad heeft op 7 mei 2021 uitspraak gedaan in een voor de estateplanningspraktijk belangrijke zaak. lees meer