Achtergrond
Het wetsvoorstel ‘Wet werkelijk rendement box 3’, dat momenteel bij de Eerste Kamer ligt, gaat uit van belastingheffing over het werkelijke rendement. Het voorstel regelt een vermogensaanwasbelasting als hoofdregel en een vermogenswinstbelasting voor onroerende zaken en aandelen of winstbewijzen van startende ondernemingen.
Dat is een belangrijk onderscheid, omdat bij een vermogensaanwasbelasting ook belasting wordt geheven over ongerealiseerde waardestijgingen. Bij een vermogenswinstbelasting worden waardestijgingen pas belast zodra zij zijn gerealiseerd. Meer weten? Lees dan ons nieuwsbericht van 21 mei 2025: 'Wetsvoorstel ‘Wet werkelijk rendement box 3’ is gepubliceerd'.
Met de novelle wordt voorgesteld de vermogenswinstbelasting uit te breiden naar alle financiële instrumenten. Door deze uitbreiding zal bij de start van het nieuwe stelsel ongeveer 90% van het box 3-vermogen met waardeontwikkeling onder de vermogenswinstbelasting vallen.
Hoofdlijnen novelle
Onder de vermogenswinstbelasting worden waardeontwikkelingen pas belast wanneer zij zijn gerealiseerd, bijvoorbeeld bij verkoop. Reguliere voordelen, zoals rente en dividend, blijven jaarlijks belast.
Kritisch advies Raad van State
De Afdeling advisering van de Raad van State is kritisch over de gekozen route en adviseerde het wetsvoorstel ‘Wet werkelijk rendement box 3’ in te trekken, de novelle (die toen nog voorzag in een invoering per 2028) niet in te dienen en per 2030 in één keer over te gaan naar een volledige vermogenswinstbelasting. Als het kabinet toch doorgaat met de novelle, adviseert de Afdeling de vermogenswinstbelasting eveneens pas per 2030 voor alle box 3-vermogensbestanddelen in te voeren.
De Belastingdienst beschouwde invoering per 2028 als onuitvoerbaar. Voor het belastingjaar 2029 verbetert de uitvoerbaarheid, maar blijven uitvoeringsrisico’s bestaan.
Vervolg
Met de indiening bij de Tweede Kamer is de parlementaire behandeling van de novelle gestart. Volgens de huidige planning stemt de Tweede Kamer op 12 november 2026 over de novelle. Daarna volgt de behandeling in de Eerste Kamer. Het wetsvoorstel ‘Wet werkelijk rendement box 3’ is al door de Tweede Kamer aangenomen en ligt momenteel bij de Eerste Kamer. Om invoering van het nieuwe box 3-stelsel per 1 januari 2029 mogelijk te maken, moeten zowel dat wetsvoorstel als de novelle tijdig door de Eerste Kamer zijn aangenomen.
Contact
Heeft u na het lezen van dit nieuwsbericht behoefte aan een nadere toelichting op een of meer onderwerpen? Of heeft u interesse in een vrijblijvend kennismakingsgesprek? Neem dan contact op met uw Loyens & Loeff-adviseur of met een van onze adviseurs van het team Family Owned Business & Private Wealth. Wij helpen u graag verder.