Het artikel bespreekt het sanctiestelsel van het EU ETS en is met name relevant voor ondernemingen die deelnemen aan het EU ETS, beschikken over emissierechten of te maken hebben met de toezicht- en handhavingsbevoegdheden van Nea. Daarbij wordt zowel ingegaan op het bestaande EU ETS 1-regime voor industriële installaties en luchtvaart als op EU ETS 2, dat vanaf 2027 stapsgewijs van toepassing wordt op onder meer gebouwen- en vervoersgerelateerde emissies.
Centraal staat de verplichte boete van EUR 100 per niet-ingeleverd emissierecht. Deze boete wordt automatisch opgelegd wanneer onvoldoende emissierechten worden ingeleverd en laat geen ruimte voor matiging of een beoordeling van de omstandigheden van het geval.
Hoewel het Hof van Justitie van de Europese Unie deze vaste boete meermaals verenigbaar heeft geacht met het Unierechtelijke evenredigheidsbeginsel, plaatst het artikel kritische kanttekeningen bij de vraag of dit regime nog past binnen hedendaagse eisen van rechtsbescherming. Daarbij wordt onder meer ingegaan op het evenredigheidsbeginsel, artikel 6 EVRM en de artikelen 47 en 49 van het EU-Handvest.
De bijdrage betoogt dat een sanctiestelsel waarin geen rekening kan worden gehouden met schuld, context of proportionaliteit spanning oproept met fundamentele rechtsstatelijke uitgangspunten en dat heroverweging van het huidige boeteregime daarom wenselijk is.
Het artikel is te lezen in het Nederlands Tijdschrift voor Energierecht.
Contact
Heeft uw organisatie te maken met de naleving van ETS-verplichtingen, emissierechten of handhavingsmaatregelen van de NEa? Neem dan gerust contact op met een van onze regulatory experts. Wij adviseren regelmatig ondernemingen over de juridische en praktische gevolgen van het EU ETS en de toezicht- en handhavingsbevoegdheden van de NEa.