Deliveroo-criteria
De opheffing van het handhavingsmoratorium behoort tot één van de pijlers om de balans op de arbeidsmarkt te herstellen en regels rondom het werken met zelfstandigen toekomstbestendiger te maken. Ter achtergrond verwijzen wij naar onze nieuwsbrief van 13 september 2024 en onze nieuwsbrief van 9 oktober 2024. Inmiddels is in de lagere jurisprudentie al een aantal maal concrete invulling gegeven aan de Deliveroo-criteria van de Hoge Raad. Hoewel de wijze waarop aan deze criteria invulling moet worden gegeven nog niet volledig is uitgekristalliseerd, hebben wij een vragenlijst opgesteld zodat een inschatting kan worden gemaakt of een werker zelfstandige of werknemer is. In dit kader is het belangrijk te weten dat de Belastingdienst het civiele recht volgt. Dus de invulling van de Deliveroo-criteria door de civiele rechter geldt ook voor de Belastingdienst.
Gevolgen herkwalificatie
Het is raadzaam per werker een inschatting te maken of deze werker een zelfstandige is of werknemer. Als u werkers heeft waarmee u een overeenkomst van opdracht bent aangegaan, terwijl het op basis van de vragenlijst duidelijk is dat deze werkers eigenlijk werknemers zijn, dan betekent dit dat er vanaf 1 januari 2025 loonheffingen ingehouden moeten worden op de betalingen aan de werker en er sociale zekerheidspremies en zorgverzekeringsbijdragen afgedragen moeten worden aan de Belastingdienst. Mochten er (bijvoorbeeld) in juni 2025 nog steeds ZZP’ers bij u werken die eigenlijk werknemer zijn, dan kan de Belastingdienst dus met terugwerkende kracht tot 1 januari 2025 een naheffing opleggen terzake van loonbelasting en sociale zekerheidspremies.
Verder dient u er rekening mee te houden dat een pensioenregeling met terugwerkende kracht op de werker van toepassing kan zijn, zeker als uw bedrijf valt onder een verplicht bedrijfstakpensioenfonds. Als er een naheffing van de Belastingdienst zou komen, dan komen de gegevens uit een aangifte loonheffingen terecht in de polisadministratie van het UWV. Er is een groot aantal partijen dat toegang heeft tot deze polisadministratie, waaronder verplichte bedrijfstakpensioenfondsen. Als er dus met terugwerkende kracht iets in de aangifte loonheffingen gecorrigeerd moet worden, dan wordt dit zichtbaar in de polisadministratie en zou er vanuit de polisadministratie een seintje naar het bedrijfstakpensioenfonds kunnen gaan. U loopt als werkverschaffer dan dus het risico dat het bedrijfstakpensioenfonds ook nog eens bij u aanklopt.
Heeft u het pensioen ondergebracht bij een verzekeraar, dan geldt het volgende. In de uitvoeringsovereenkomst die een werkgever sluit met de pensioenuitvoerder zit een beding dat de werkgever verplicht om werknemers aan te melden, dat wil zeggen te laten deelnemen in de pensioenregeling. Er geldt dus jegens de pensioenuitvoerder een contractuele verplichting om de pensioenopbouw onder te brengen als sprake is van werknemerschap.
Welke mogelijkheden zijn er?
De volgende vraag is dan wat te doen ten aanzien van werkers van wie niet duidelijk is of ze wel kwalificeren als zelfstandige. Wij zien verschillende mogelijkheden.
Mocht u vragen hebben naar aanleiding van bovenstaand nieuwsbericht, neem dan gerust contact met een van ons op. Wij helpen u uiteraard graag verder.