You are here:
27 oktober 2020 / artikel

Loyens & Loeff succesvol voor ContourGlobal in hoogste instantie: ACM moet tariefregulering voor Bonaire herzien

Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint-Maarten en van Bonaire, Sint-Eustatius en Saba (het Hof) heeft op 21 oktober uitspraak gedaan in het hoger beroep van ContourGlobal Bonaire BV (CGB) inzake het besluit van ACM waarmee voor 2017 een maximumtarief werd vastgesteld voor geproduceerde elektriciteit op Bonaire. CGB stelde in bezwaar en administratief beroep aanvankelijk tevergeefs dat het besluit kritieke fouten bevatte maar vond uiteindelijk in hoger beroep gehoor voor haar standpunten.

In 2016 trad de Wet elektriciteit en drinkwater BES (de Wet) in werking. De Wet introduceerde voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba een maximum productietarief waartegen producenten zoals CGB voortaan de door hen geproduceerde elektriciteit moesten verkopen aan het lokale distributiebedrijf. Aan ACM werd in de Wet opgedragen om het productietarief vast te stellen en daartoe een methode te ontwikkelen. Het eerste jaar waarvoor een tarief werd vastgesteld, was 2017 op basis van een methode voor de jaren 2017 t/m 2020. Tegen dit tariefbesluit en tegen de achterliggende methode heeft CGB bezwaar gemaakt. En tegen het besluit op bezwaar is CGB in (administratief) beroep gegaan.

Vaststelling productietarief

Het centrale betoog van CGB in de daaropvolgende procedures was dat de Wet bepaalt dat het productietarief gebaseerd dient te zijn op de werkelijke kosten van productie met inachtneming van een redelijk rendement, terwijl de methode en het tariefbesluit uitgaan van efficiënte kosten. Met name waar het betreft de financieringskosten van de elektriciteitscentrale, stelde CGB dat ACM ten onrechte voorbij was gegaan aan het standpunt dat de projectfinanciering van de centrale efficiënt was en dat de werkelijke kosten van die financiering in aanmerking genomen moesten worden. Deze stelling wordt nu door het Hof gevolgd. Het Hof gaat ervan uit dat het element “met inachtneming van een redelijk rendement” uitsluitend ziet op de kapitaalslasten. Het Hof oordeelt dat voor de kapitaalslasten (een zekere) abstractie mag (en moet) plaatsvinden van de werkelijke kosten, waarbij de kapitaalslasten van een efficiënt gefinancierde onderneming het normatieve kader (mogen) vormen. De mate van abstractie wordt echter begrensd door het vereiste van de werkelijke kosten. En wel in die zin dat als een onderneming wel efficiënt gefinancierd is met de werkelijke kosten, die kosten in aanmerking moeten worden genomen. Het is daarbij aan de onderneming om zich daarop gemotiveerd te beroepen en vervolgens aan ACM om aannemelijk te maken dat werkelijke kosten geen efficiënte kosten zijn.
Het Hof oordeelt dat ACM ten onrechte van de werkelijke financieringskosten van de elektriciteitsproductiecentrale van CGB heeft geabstraheerd zonder te onderzoeken of die financieringskosten efficiënt waren.

Samenstelling vergelijkingsgroep

Een tweede belangrijke klacht van CGB betrof de samenstelling van de vergelijkingsgroep in het kader van de WACC-toepassing. CGB had vraagtekens gezet bij de opname in de vergelijkingsgroep van een Poolse elektriciteitsproducent (Zespol) die is gevestigd naast haar eigen bruinkoolmijnen dientengevolge een ander risicoprofiel heeft dan een elektriciteitsproducent op Bonaire met een dieselgestookte centrale in combinatie met een windpark. Het Hof hecht daarbij waarde aan het feit dat Zespol een uitzonderlijk lage risico-factor had en daarmee en zogenaamde ‘outlier’ was. Het stelt daarbij voorop dat ACM met betrekking tot een bedrijf dat binnen de vergelijkingsgroep als “outlier” opvalt, overtuigend moet motiveren waarom dat bedrijf niettemin in de vergelijkingsgroep mag worden opgenomen.

Het Hof vernietigt de beschikking voor 2017 en draagt ACM op om binnen zes weken een nieuwe beschikking te nemen met inachtneming van wat het Hof in deze uitspraak heeft overwogen.

CGB werd in deze procedures bijgestaan door Roland de Vlam.



Subsidieregeling coöperatieve energieopwekking

De nieuwe subsidieregeling voor het lokaal en gezamenlijk opwekken van duurzame energie is gepubliceerd voor internetconsultatie. lees meer

Energieteam – blog SDE++ subsidies

Start openstellingsronde voor de SDE++-subsidies voor initiatiefnemers die hernieuwbare energie produceren of CO2-reducerende technieken toepassen. lees meer
energy-update-september2020.jpg

Wet- en regelgeving energie in Nederland, België en de EU

In dit overzicht zijn de voor de Nederlandse en Belgische energiesector relevante nationale (en eventueel ook Europese) wet- en regelgeving opgenomen. lees meer