You are here:
07 januari 2021 / nieuws

Collectieve acties over maatschappelijke belangen: het klimaat en COVID-19

De voorzieningenrechter in Den Haag heeft in december 2020 de vordering van Greenpeace afgewezen; de Nederlandse Staat hoeft van de rechter geen strengere klimaateisen te verbinden aan zijn coronasteunpakket aan KLM. Het gebeurt vaker dat een belangenorganisatie het handelen en beleid van de Nederlandse overheid aan de civiele rechter voorlegt. Of zelfs het handelen en beleid van een privaat bedrijf: in december 2020 vond ook het pleidooi plaats in de zaak waarin onder anderen Milieudefensie vordert dat energiebedrijf Shell haar CO2-uitstoot terugdringt om (verdere) klimaatschade te voorkomen.

Class actions on public interests: climate change and COVID-19

Dit soort procedures zijn niet altijd terug te vinden in het centraal register voor collectieve acties. Wij zetten voor u de laatste ontwikkelingen op een rij en werpen een voorzichtige blik op de toekomst. Een belangrijke mijlpaal is dat de Hoge Raad eind 2019 in de Urgenda-zaak bevestigde dat de civiele rechter de regering kan dwingen om bepaalde acties te ondernemen, in dat geval ter voorkoming van klimaatverandering (zie ons nieuwsbericht daarover). De Hoge Raad bevestigde dat de Staat zijn zorgplicht ten opzichte van burgers zou schenden indien hij de CO2-uitstoot niet (voldoende) zou terugdringen.

Klimaat en luchtvaart

Greenpeace onderbouwde haar vordering tegen de Staat onder andere met het Urgenda-arrest, maar kreeg dus nul op het rekest. De uitstoot van broeikasgassen als gevolg van de internationale luchtvaart is de verantwoordelijkheid van de VN-organisatie voor de burgerluchtvaart (ICAO); de VN-klimaatverdragen hebben geen betrekking op die uitstoot, zo overwoog de rechter onder meer. Een beroep op het reductiebevel aan de Staat uit het Urgenda-arrest baat Greenpeace niet, nu dat bevel alleen de uitstoot van broeikasgassen in Nederland betreft (KLM voert geen binnenlandse vluchten uit). Resultaat: Greenpeace kan aan de VN-klimaatverdragen noch aan het Urgenda-arrest een op de Staat rustende, concrete emissiereductieverplichting ontlenen voor grensoverschrijdende luchtvaart.

Representativiteit in collectieve acties

De Wet afwikkeling massaschade in collectieve actie (de WAMCA) heeft het collectieve actierecht in Nederland per 1 januari 2020 gewijzigd, onder meer door de ontvankelijkheidsvereisten voor belangenorganisaties aan te scherpen (zie ons eerdere nieuwsbericht over de WAMCA). De WAMCA vereist onder meer dat de belangenorganisatie “voldoende representatief is gelet op de achterban en de omvang van de vertegenwoordigde vordering” (oftewel: representativiteit) en (onder meer) beschikt over een toezichthoudend orgaan, voldoende middelen om te procederen en een website (met relevante informatie over onder andere haar organisatie en de stand van zaken in (de) procedure(s)).

In geval van vorderingen met een ideëel doel en een zeer beperkt financieel belang kan de rechter een ‘lichter’ ontvankelijkheidsregime toepassen, waardoor onder andere de eisen voor een toezichthoudend orgaan, voldoende middelen en een website met bepaalde informatie niet (strikt) gelden (zie hierover onze eerdere update). Dit lichtere regime kan ook worden toegepast vanwege de aard van de vordering of de beschermde belangen. De wetsgeschiedenis (en beperkte rechtspraak) zijn niet volstrekt helder over het  representativiteitsvereiste onder het lichtere regime.

De WAMCA heeft ook geïntroduceerd dat de rechter een exclusieve belangenbehartiger kan aanwijzen in het geval dat meerdere belangenorganisaties een collectieve vordering instellen voor ‘dezelfde gebeurtenis’. Via een centraal register voor collectieve vorderingen moeten belangenorganisaties openbaar maken dat zij een collectieve vordering instellen. Stellen daarna ook andere belangenorganisaties een collectieve vordering in, dan wijst de rechter de exclusieve belangenbehartiger aan. De rechter beoordeelt daarvoor onder meer de omvang van de groep personen waarvoor de belangenorganisatie opkomt en de andere of eerdere werkzaamheden of vorderingen van de belangenorganisatie.

Een aantal van de ‘ideële’ vorderingen in 2020

Verscheidene in 2020 geregistreerde collectieve acties hebben een ideële insteek: zie ook hierover onze eerdere update. Zoals opgemerkt gebeurt er echter meer dan het centraal register vermeldt. In december 2020 vond het pleidooi plaats in de klimaatzaak waarin onder anderen Milieudefensie Shell probeert te dwingen om (verdere) klimaatschade te voorkomen. Op deze zaak, die in 2019 van start is gegaan, is de WAMCA niet van toepassing. Vooralsnog is het wachten op het (eerste) oordeel van de rechter.

De regels over de exclusieve belangenbehartiger en verplichte registratie uit de WAMCA gelden ook niet voor collectieve vorderingen in kort geding. Een handjevol voorbeelden: Stichting Vijfde Macht eiste van de Staat een volledige lockdown (zonder succes). Stichting Viruswaarheid startte drie kort gedingen: in een daarvan vorderde zij dat de voorzieningenrechter de Staat zou bevelen om coronamaatregelen (en noodverordeningen) in te trekken (zonder succes), in een ander kort geding vorderde zij buitenwerkingstelling van de mondkapjesplicht in bepaalde delen van Amsterdam (zonder succes), en in weer een ander kort geding vorderde zij dat de Staat het PCR testen moest staken en zijn coronacommunicatie moest aanpassen (zonder succes).

Representativiteit als onderwerp van debat?

Zoals gezegd is representativiteit sinds de inwerkingtreding van de WAMCA een van de ontvankelijkheidseisen voor belangenorganisaties. Moet deze eis ook een zekere democratische legitimiteit waarborgen indien – zoals in de zojuist genoemde voorbeelden – belangenorganisaties naar de rechter stappen om maatschappelijke belangen aan te kaarten en/of overheidsbeleid af te dwingen? In de voorbeelden lijkt dit aspect geen (grote) rol te hebben gespeeld. Volgens onze wetgever moet voor representativiteit op voorhand duidelijk zijn dat de belangenorganisatie kwantitatief gezien voor een voldoende groot deel van de groep getroffen gedupeerden opkomt (dit blijkt uit de beantwoording van Kamervragen medio 2020). Met de belangen en onderwerpen die in dit soort zaken spelen, zou de rechter daaraan een zware dobber kunnen hebben, zeker als de getroffen gedupeerden bestaan uit toekomstige generaties, bijvoorbeeld bij klimaatverandering. En hoe weegt dit aspect mee bij het aanwijzen van een exclusieve belangenbehartiger?

Het zijn geen makkelijke vragen, maar wij verwachten dat rechtspraak (en mogelijk de wetgever) hierover in de nabije toekomst meer duidelijkheid zal scheppen.

Neem contact op

Dit zijn belangrijke ontwikkelingen op het gebied van de afwikkeling van massaschade en klimaatprocedures. Ons kantoor heeft veel ervaring met collectieve acties, WCAM-schikkingen en andere wijzen van afwikkeling van massaschade. Ons Energy team volgt de ontwikkelingen die specifiek zijn voor die sector op de voet. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Mijke Sinninghe Damsté of Huib Schrama.



Bastiaan Kemp lid van Gecombineerde Commissie Vennootschapsrecht

Deze commissie volgt de ontwikkelingen in wet- en regelgeving omtrent vennootschaps- en ondernemingsrecht en financieel recht. lees meer
F1-in-Nederland

Formule-1 in Nederland

Formule-1 in Nederland: bestuursrechtelijke stuurmanskunst, of een voorzieningenrechter uit de bocht? lees meer
Cable-pooling, MLOEA of toch een net?

Cable-pooling, MLOEA of toch een net?

Een uitdaging is een aansluiting op het elektriciteitsnet die wordt gedeeld met een andere gebruiker. lees meer