Loyens & Loeff
Date
18-05-2017

HealthBit: Verbod winstuitkering belemmert totstandkoming participatiemodel

Cure

 

 

Medisch specialisten en ziekenhuizen hebben in reactie op de invoering van de integrale bekostiging per 1 januari 2015 de keuze moeten maken tussen (her)structurering in de vorm van loondienst of vrije vestiging. Voor vrije vestiging zijn het samenwerkingsmodel en het participatiemodel ontwikkeld. 

Twee jaar na de invoering van de integrale bekostiging is gebleken dat vrijwel uitsluitend is gekozen voor het samenwerkingsmodel. Minister Schippers (ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport) beschouwt het samenwerkingsmodel als een goede tussenstap op weg naar meer gelijkgerichte samenwerking, maar ziet het samenwerkingsmodel niet als eindmodel. Haar voorkeur gaat uit naar een model waar ziekenhuizen en medisch specialisten meer op één lijn zitten, op zowel inhoudelijk, organisatorisch als zakelijk niveau. 

Derhalve heeft Schippers verzocht om onderzoek te doen naar de mogelijkheden om (het gebruik van) het participatiemodel te bevorderen. 

Samenwerkingsmodel / Participatiemodel

In tegenstelling tot het samenwerkingsmodel, waarbij het ziekenhuis en de medisch specialisten een opdracht-leverancier-relatie aan gaan, geldt voor het participatiemodel dat medisch specialisten deelnemen in de eigendomsstructuur van het ziekenhuis. Hiervoor moet voldaan zijn aan twee voorwaarden, namelijk er moet sprake zijn van deelname in de zeggenschap en er moet sprake zijn van deelname in het economisch belang (resultaat/vermogen) door middel van het (mede)lopen van risico.

 

 

 

 

Rapport

Op 14 april 2017 is het rapport “Onderzoek mogelijkheden tot bevorderen participatiemodel” gepubliceerd (het Rapport). In het Rapport worden de voornaamste obstakels voor succesvolle verspreiding van het participatiemodel behandeld.

 

Verbod winstoogmerk

Hoewel het Rapport geen uitspraak doet over de wenselijkheid van winstuitkeringen, wordt met name het verbod hierop als één van de belangrijkste belemmeringen gezien voor de totstandkoming van het participatiemodel. Het participatiemodel gaat immers uit van medisch specialisten als aandeelhouder (of andersoortige participanten) die mogelijk dividend ontvangen als vergoeding voor het beschikbaar stellen van eigen vermogen. Door het winstuitkeringsverbod is het echter niet mogelijk om rendement uit te keren aan degene die in een zorginstelling met risicodragend eigen vermogen zouden wensen te investeren, waardoor medisch specialisten niet bereid zijn om risicodragend te participeren.

 

Oplossingen

Modernisering, vereenvoudiging en verduidelijking van het huidige winstuitkeringsregime in de WTZi zou volgens het Rapport noodzakelijk zijn. Hiervoor kan het Wetsvoorstel Vergroten Investeringsmogelijkheden medisch-specialistische zorg (VIMZ), waarin het verbod op het winstoogmerk onder specifieke voorwaarden wordt opgeheven, uitkomst kunnen bieden. De voorwaarden dienen echter niet te beperkend te zijn. 

Verder zou het belastingheffingsregime moeten worden aangepast. Ziekenhuizen zijn nu veelal vrijgesteld van vennootschapsbelasting, BTW en overdrachtsbelasting. Bij winstuitkering vervalt deze vrijstelling. Voorgesteld wordt om de fiscale ongelijkheid weg te nemen door een apart heffingsregime op te stellen om het verschil in belastingheffing te overbruggen. 

Tot slot dient de Wet normering topinkomens (WNT) te worden verduidelijkt. Verduidelijking over het onderscheid in status en toepassing van de WNT zal eraan bijdragen om de onzekerheid over de vraag of artsen (nu en in de toekomst) wel/niet onder de WNT vallenweg te nemen.

 

Huidige mogelijkheden voor winstuitkering

Momenteel kan er bij uitbesteding van zorg (onder voorwaarden) al wel winst worden uitgekeerd. In het Rapport wordt geconcludeerd dat deze structuren vaak onnodig bezwarend zijn. Daarnaast zouden de voorwaarden en mogelijkheden onvoldoende kenbaar zijn. 

Vorig jaar september hebben Kamerleden Leijten en Van Gerven vragen gesteld aangaande deze structuren om wel winst uit te kunnen keren, omdat zij van mening zijn dat daarbij het verbod van winstuitkering wordt ontdoken. 

De Minister wees dit van de hand en gaf daarbij aan dat WTZi-toegelaten instellingen in principe vrij zijn om anderen te betrekken bij het verlenen van zorg aan daartoe geïndiceerde cliënten. Een instelling kan bijvoorbeeld besluiten om een deel van de activiteiten uit te besteden aan een andere partij indien dit leidt tot betere of goedkopere zorg. Daarbij geldt nog steeds onder de WTZi dat de instelling wettelijk en privaatrechtelijk aansprakelijk blijft voor de geleverde zorg. Een instelling zal eventuele uitbesteding daarom kritisch moeten overwegen.

 

Conclusie

Ondanks dat middels uitbestedingsconstructies (onder voorwaarden) winst kan worden uitgekeerd, wordt het verbod op winstuitkeringen gezien als een belemmering voor het op gang komen van het participatiemodel. 

De keuze voor een van de modellen (samenwerkings- of participatiemodel), moet altijd per geval worden beoordeeld en is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Mocht u meer informatie willen over de (toepassing van de) modellen in uw situatie, over uitbestedingsconstructies en/of de huidige mogelijkheden voor winstuitkeringen, neem dan contact op met uw vaste Loyens & Loeff adviseur of met Vivian den Bakker / Ralph Ferouge. 

 

 


 

 

 vivian.den.bakker@loyensloeff.com+31 20 578 50 36

 

 ralph.ferouge@loyensloeff.com+31 20 578 56 01 

 

 

 

 

Volg onze Showcase Page op LinkedIn om ook daar op de hoogte gehouden te worden van nieuwe HealthBits

Expertise