AMSTERDAM, 18 april 2010 - Door een uitspraak van het Spaanse Gerechtshof hebben enkele Nederlandse pensioenfondsen recht op teruggave van mogelijk miljoenen euro's aan Spaanse dividendbelasting. De geheven Spaanse dividendbelasting is namelijk een belemmering van het vrije verkeer van kapitaal en daarmee in strijd met het EG-recht, aldus het Gerechtshof. De zaak is aangespannen door een aantal Nederlandse pensioenfondsen waaronder ABP en Pensioenfonds Metaal en Techniek, geassisteerd door de advocatenkantoren Cuatrecasas in Spanje en Loyens & Loeff N.V. in Nederland.
Na een jarenlange procedure heeft het Spaanse Gerechtshof de pensioenfondsen in het gelijk gesteld. Bijzonder is dat het Spaanse Gerechtshof deze beslissing zelf genomen heeft, zonder voorafgaande consultering van het Europese Hof van Justitie in Luxemburg. Het Spaanse Gerechtshof is dus heel zeker van haar zaak en heeft geen ruimte voor twijfel gezien. Het precieze bedrag van de mogelijke teruggave aan belasting is nog onbekend. De Spaanse Staat is in cassatie gegaan tegen de uitspraak van het Gerechtshof bij de Spaanse Hoge Raad.
‘ABP heeft voor een groot aantal jaar terug haar rechten veilig gesteld', aldus Guus Warringa namens ABP. Dat geldt ook voor de andere pensioenfondsen. ‘Het indienen van claims is mogelijk tot een aantal jaar terug. Voor Spaanse dividendbelasting die is ingehouden na 1 januari 2010, voorziet de Spaanse wet sinds kort in een teruggaaf voor in de EU gevestigde pensioenfondsen. Andere pensioenfondsen doen er goed aan om, voor zover dat nog kan, ook hun rechten veilig te stellen voor het jaar 2009 en voorgaande jaren' vult Ronald Wijs van Loyens & Loeff hierop aan. 'We hebben altijd geloofd in deze zaak, anders waren we hier niet aan begonnen' zegt Bernard Bruggeman van Mn Services, de uitvoeringsorganisatie van Pensioenfonds Metaal en Techniek. ‘Bovendien is dit een belangrijke ontwikkeling voor dezelfde problematiek die in andere EU landen speelt’, aldus Prof. Dennis Weber van Loyens & Loeff. ‘We houden dat nauwlettend in de gaten met een aantal andere top EG-recht specialisten in andere Europese landen waar we mee samenwerken’ merkt hij afsluitend op.